Snel zoeken:
102 Wat is gezonde bijbelstudie?

bewerking van studie van J.Ph. Fijnvandraat

Historisch/praktisch
1. Verschil tussen a. bijbellezen- b. bijbelstudie
-a. bedoeld als voedsel, gids, enz. voor de ziel, stille tijd.
-b. systematisch beter leren kennen van de bijbel.
Gezonde grondhouding

2. Voorwaarde bekeerd zijn- 1 Ko 2. Natuurlijke mens verstaat niet de
dingen van God
- geestelijk gezind zijn-1 Ko 3 Voorlichting door Heilige Gees
Dat brengt met zich mee: onderworpen wil : Jh. 7:17
oprecht hart : Ps. 112:4
nederige geest : Ps. 119:130
gehoorzaam denken: 2 Ko. 10:5
Voorbeeld Ea 7:10-onderzoeken, volbrengen, onderwijzen.
Je kunt alleen dienen met wat jezelf verwerkt hebt.
3. Bijbel aanvaarden als onfeilbare woord van God:
gezag Schrift erkennen, Eigen gedachten willen opgeven:ootmoed,
bescheidenheid
4. Willen leren van anderen: God geeft leraars. Zie. 2 Pt 3:15,16, voorb.
TimotheŁs- 2 Tm 3:16. Niet menen: Ik doe het zelf wel even.
Bijbelstudie lektuur, konferenties,
5. Gaat om verheerlijking van God en Christus. Niet om kennis op zichzelf

Gezonde start
6. Begin: alle historische delen van de Schrift doornemen om de weg van
God met de mens te leren kennen. Terreinverkenning.
We spreken van bijbelse geschiedenis. Christendom is een
historische godsdienst.
7. O.T.geschiedenis (geldt ook voor N.T.) heeft twee doeleinden:
-positief : Rm 15:4,5 -negatief: 1 Ko. 10:11 Dus 'lessen' leren.
8. Probeer een indeling van het O.T. te geven alsmede een van het N.T.

Gezond vervolg
9. Lees een boek, brief..in zijn geheel door.
'Pak' de hoofdinhoud , speur het doel. Voorb. Job. Sla het in een
synopsis na. Verdeel boek/ brief in onderdelen (Ruth, Rom.), die weer
in pericopen. Bekijk en analyseer per perikoop ( Rm 5:1-11).
10. Bekijk vers voor vers op zichzelf
Ontleed het en ga alle erin genoemde begrippen na: Mt1:1; Jh 3:16
Let op de samenhang waarin het vers voorkomt, de zogenaamde
context. 'A text without context is a pretext'. Neem 1 Ko 14.. Bekijk het in
het licht van het karakter van het boek waarin het staat. Afweging van
spreken in talen ten gunste van profeteren.
11. Bestudeer bepaalde berippen
bekering, rechtvaardiging, geloof, zekerheid, enz. Let erop dat een
woord of begrip niet altijd hetzelfde betekent: 'eeuwig leven': bij Paulus
en bij Johannes. 'rechtvaardiging': bij Paulus en Jacobus.
12. Ga de levens van bepaalde gelovigen na
Wat is hun betekenis in de heilshistorie. Waardoor worden ze
gekenmerkt. Bijvoorbeeld Abraham: tent en altaar. Bekijk wat je van ze
kunt leren en ook waarin ze een waarschuwing voor je zijn

Gezonde regels
13. Wie spreekt, wat wordt er gezegd, tegen wie?
Van belang b.v. bij Job, Psalmen.
14. Wat is de reikwijdte
Geldt dit nog voor ons...wet, geen bloed. Heeft het een diepere zin
...geestelijke betekenis
15. Speel nooit het ene gedeelte uit tegen het andere
Zoals: uitverkiezing tegen bekering: Gods kant tegen de onze
16. Verklaar moeilijke gedeelten in het licht van gemakkelijke en niet
andersom.
17. Pas op voor logische konklusies: Maria moeder Gods
18. Gulden regel: Schrift met Schrift vergelijken
enigeboren ziet op de Godheid van Christus
eerstgeboren heeft te maken met rangorde t.o.v. anderen