Snel zoeken:
De les van de klok

Het kan gebeuren dat een klok wel de goede tijd aangeeft, maar dat het slagwerk daarmee niet in overeenstemming is. Het is bijv. elf uur maar de klok slaat 8 of 9 slagen.
Het omgekeerde kan natuurlijk ook het geval zijn. De slagen van de klok stemmen overeen met de werkelijke tijd, maar de wijzers geven een heel andere tijd aan. Natuurlijk kunnen ook beide fout zijn.

Dit voorbeeldje kun je geestelijk toepassen op de gelijkenis van de twee zonen waarover Mt 21:28-32 spreekt. De een zei:” Ik ga”, maar ging niet. De ander zei:”Ik ga niet”, maar ging wel. In feite waren ze allebei fout, hoewel de laatste tenminste de wil van zijn vader deed.

Iemands tong kan het juiste zeggen, maar de voeten of de handen doen het verkeerde. Het omgekeerde kan ook het geval zijn. Het is helemaal mis als de mond en de voeten allebei in de fout gaan.

Hoe repareer je een klok waarbij wijzers en slagwerk niet synchroon lopen? Meestal heeft het draaien aan de wijzers geen effect. Het inwendig mechanisme moet vaak bijgesteld worden.

Bij een christen zit dat mechanisme in het hart. Als de toestand van het hart niet in orde is gaat er wat fout met onze woorden of onze daden, of met beide. Er is dan :bekering” nodig. Niet de bekering van zondaar tot God, maar inkeer van een kind van God tot de Vader. Belijdenis van het verkeerde, veroordeling van het eigen ik is dan nodig.

Nog een kleine bijzonderheid. Een predikant in Indonesië sprak eens over deze gelijkenis en bracht naar voren dat de zoon die “nee” zei, maar “ja” deed te prijzen viel.
Zijn toehoorders waren het echter niet met hem eens, zij vonden de zoon die “ja”zei, maar “nee” deed de betere. Voor een Javaan is het namelijk een grote zonde tegen je meester of tegen je vader “nee” te zeggen. Dat is een belediging.
Misschien had de predikant dit verschil van opvatting kunnen voorkomen als hij aangegeven had dat ze in feite allebei fout zaten en dat “ja” zeggen en “ja” doen bij elkaar horen. In ieder geval moet dat wel onze levenshouding zijn.