Snel zoeken:
Heeft Jezus Christus de wereld geschapen?

Een reactie van lezers luidde als volgt:
Dank voor uw blad met het artikel “De wereld moest Hem niet”. Met aandacht heb ik ’t gelezen. Is het mogelijk dat u mij dit blad geregeld toestuurt? Het geldelijke bedrag moet u mij maar even melden… U schrijft dat Christus de Zoon van God is, dat klopt. Maar verder schrijft u dat Hij de schepper van de wereld is. Maar niet Hij, maar zijn Vader, God, heeft de wereld geschapen (G.A.N. te Z.).

Hartelijk dank voor uw prettige reactie op ons blad. Voor wat betreft uw verzoek om toezending: het is mogelijk “Nieuws voor Nu” maandelijks te ontvangen door een postabonnement (ad f 8,50 per jaar) te nemen.

Dan graag de volgende toelichting bij uw opmerking:
In Genesis 1 vers 1 lezen we:
“In het begin schiep God de hemel en de aarde.”
Het woord voor “God” is in het Hebreeuws “Elohim” en dat is een meervoudsvorm. Letterlijk staat er “Goden”.
We mogen aannemen dat dit inhoudt, dat we met meer “personen” binnen de ene Godheid te doen hebben, te weten: de Vader, de Zoon en de Heilige Geest (vergelijk het gebruik van het woordje “ons” in Genesis 1 vers 26; 3 vers 22; 11 vers 7; Jesaja 6 vers 8. Zie ook Johannes 14 vers 23.) In het Nieuwe Testament worden deze drie personen: Vader, Zoon en Heilige Geest in ieder geval duidelijk genoemd en dat heel dikwijls in een en hetzelfde verband.

Wat nu de schepping betreft lezen we, dat:
- God door de Zoon de wereld geschapen heeft (Hebreeën 1 vers 2);
- in Hem (Jezus Christus) alle dingen geschapen zijn: dat alle dingen door Hem en tot Hem geschapen zijn
(Kolossenzen 1 vers 16, 17);
- uit God de Vader alle dingen zijn, maar dat ze zijn door Jezus Christus (1 Korinthe 8 vers 6).

Hier kunnen we zeggen, dat de Vader de plannen maakte en dat de Zoon ze uitvoerde. Het is dus duidelijk dat Jezus Christus bij het Scheppingswerk betrokken is. Hij is de Uitvoerder van dát werk.
In Johannes 1 vers 3 wordt van Jezus Christus, die daar als het Woord wordt aangeduid, zelfs heel expliciet gezegd:
“Alle dingen zijn door het Woord geworden en zonder dit is geen ding geworden, dat geworden is.”
In dat vers wordt dus niet gezegd dat de Vader de Schepper is hoewel dat ook juist is, maar wordt de schepping aan de Zoon toegeschreven.

Hopelijk verduidelijkt dit deze kwestie. Met hartelijke groeten, J.G. Fijnvandraat.