Snel zoeken:
471 jrg xxx. xx-2002 Op stap door het eerste boek van SamuŽl 16 (4:12-22)

1-SamuŽl 4:12
ZORG OM DE ARK
1Sm4:12-22

De oorlog van de IsraŽlieten tegen de Filistijnen is een dik fiasco geworden ondanks het feit dat israŽl de ark van God meegenomen hadden naar het oorlogsveld. Je zou zeggen dat van het gedeelte dat boven dit artikel staat niet veel goeds te vertellen valt. Toch is dat niet het geval hoe treurig de mededelingen die deze verzen bevatten ook mogen zijn.

Vol zorg over de ark van God
De priester Eli is eerder een waarschuwend voorbeeld dan een figuur om na te volgen, maar in deze verzen staat toch iets positiefs van hem. Hij zit in afwachting van de afloop van de veldslag op een stoel aan de kant van de weg. Hij nam die plaats in omdat zijn Ďhart vol zorg was over de ark van Godí. Het lot van de ark dat hield hem bezig! De eer van God nam bij hem de eerste plaats in. Een man komt hem vertellen wat er gebeurd is. Eli hoort het aan. De man vertelt dat IsraŽl voor de vijand op de vlucht geslagen is. Eli hoort het aan. Vervolgens vertelt de berichtgever dat de beide zonen van Eli gedood zijn. Eli hoort het aan en het moet hem geraakt hebben. Dan zegt de man dat de ark van God is buitgemaakt door de vijand en dat hoort Eli niet slechts aan, maar hij is zo ontzet, dat hij achterover van zijn stoel valt en zijn nek breekt. Eli stelde Gods belang op de eerste plaats en daar kunnen we wat van leren.

Weg is de eer uit IsraŽl
De vrouw van Pinehas hoort ook het verschrikkelijke bericht. Ze is zwanger en krijgt een kind, een jongen. Deze vrouw kon treuren over het verlies van haar man, hoewel haar huwelijk nou niet je dat was, maar dat neemt niet de eerste plaats bij haar in. Ze geeft haar kind een naam en die spreekt niet van vreugde over het verkrijgen van een kind, nee ze geeft hem de naam Ikabod en dat betekent: ĎWeg is de eer uit IsraŽlí. Ze geeft het kind die naam omdat de ark van God is buitgemaakt. Net als van Eli kunnen we wat van deze vrouw leren. Ze stelt Gods eer op de eerste plaats. Doen wij dat ook? Zijn we vaak niet veel te veel met onze belangen bezig en komt het belang van God op de tweede, derde of nog lagere plaats?