Snel zoeken:
Notitie over het boek Henoch

Judas 1:14
Iemand vraagt mij het volgende:
In de bijbel wordt tweemaal het boek des Oprechten genoemd en wel in Jozua 10:13 en in 2 Samuel 1: 18. In dit boek wordt het leven van Henoch uiteengezet.Judas profeteert in Judas 1:14-15 m.b.t. de komst van de Heer met Zijn heilige tienduizenden etc. Hoe komt Judas hieraan. Hij moet het boek Henoch gekend hebben want in Henoch 1:9 staat deze profetie LETTERLIJK vermeld.Mijn vraag waarom zijn deze boeken niet kanoniek ? De bijbel verwijst naar deze boeken ?

Mijn reactie is de volgende:
- Er is een aartsvader Henoch geweest;
- Blijkens Judas 1:14,15 heeft Hij geprofeteerd over de komst van de
Heer. Judas vermeldt daar niet
dat hij dat heeft ontleend aan een of ander boek.
- Er bestaat een boek Henoch waarin deze profetie beschreven wordt. De
vraag is nu of Judas zijn
uitspraak aan dit boek ontleend heeft. Hij zegt dat met geen woord. Het
is dus zuiver een suggestie
- De vraag is nu of het boek Henoch ten tijde van Henoch of kort daarna
geschreven is en zijn profetie vermeld heeft of
(a) dat deze profetie mondeling is overgeleverd en dat Judas deze
overlevering heeft gekend en
(b) dat een lezer van de brief van Judas gedacht heeft: Henoch moet
geprofeteerd hebben en dat deze het Boek Henoch heeft
samengesteld of 'gefantaseerd' heeft.
Dat laatste lijkt ons sterk toe, maar dat er valse boeken en brieven zijn
opgesteld is een bekend feit. Paulus wijst daarop in zijn tijd zoiets kobn
gebeuren wat brieven betreft (zie 2 Thess. 2:2)
- De vraag is dus: wanneer is het boek Henoch ontstaan?

De Chr. Encyclopedie stelt dat er in de eerste eeuw voor Chr. uit legendarische overleveringen een boek is ontstaan dat we kennen als het boek Henoch. Dit boek is van belang omdat het ons de ideeŽn geeft van de Joden uit die tijd, de eerste eeuw voor Chr dus.
Een feit is dat dit boek onder de Joden nooit gezag gekregen heeft.Het is niet opgenomen in de boeken van het O.T. waarop Christus en de apostelen zich beroepen. Het boek heeft dus geen erkenning gekregen omdat er geen overtuiging door God bij de Joden is bewerkt dat dit boek betrouwbaar zou zijn.

Een ander punt is, dat er wel in het O.T. gesproken wordt over een boek des Oprechten,dat kennelijk van veel oudere datum is dan het 'boek Henoch', maar

a dat er nergens staat dat dit hetzelfde is als het boek Henoch en
b dat dit boek net als een aantal andere boeken die in het OT vermeld
worden onder de Joden nooit dat gezag verkregen heeft dat het door
hen als betrouwbaar opgenomen werd in de 'canon" en dus niet onder
'de Schrift' viel waarop de Heer Jezus en de aposteleen zich beriepen.

De vraag is: waarom deze boeken niet canoniek zijn. Van de in de Bijbel genoemde boeken, o.a. dat van de Oprechten kunnen we dus zeggen dat ze niet dat gezag uitgestraald hebben waardoor ze tot de canon gerekend werden. Daarin kunnen we de hand van God ontdekken. Vgl 1Sam 3:21 wat het gezag van profeten betreft dat door God aan hen verleend heeft
Wat Henoch betreft wordt in de Bijbel nergens naar dat boek verwezen. Het enige is dat Judas over een profetie van Henoch spreekt maar nergens het boek Henoch noemt.

Judas vermeldt dus alleen de profetie van Henoch en niet het boek als zodanig. Tegen de bewering dat hij uit het boek Henoch iets zou aanhalen, is aan te voeren dat zijn woorden niet precies hetzelfde zijn als wat in dat boek staat. En als hij wel uit dst boek citeert zegt dat evenmin iet over de betrouwbaarheid van het boek op zich als de aanhaling van Paulius in Tt1:12 over dat wat een heidense profee gezegd heeft, iets getuigt aangaande diens boekwerk. Hetzelfde geldt voor de aanhaling van Paulus in Hd 17:28 van wat een heidense dichter gezegd heeft.
We vinden in de Bijbel dus meer gegevens die gebaseerd zijn op niet bijbekse literatuur maar dat zegt niets over die literatuur als zodanig