Snel zoeken:
037 c Fp 3:1-21

Filippenzen 
De brief aan de Filippiërs 3:1-11

vs 1 Waartoe roept de apostel de gelovigen te Filippi op? Zich te verblijden in de Heer.
Komt hij hier later nog op terug? Ja, in hoofdstuk 4:4.
Hoe vindt Paulus dat hij hen dezelfde dingen schrijft? Niet vervelend.
a)1:25; 2:18 Waarop zal dit “dezelfde dingen” slaan? a)Het verblijden
b) 1:27; 2:2 b)eensgezind te zijn
c) 1:6; 2:12b c) de zekerheid van het geloof
Wat is het nut voor de Filippiërs? Het geeft hun zekerheid
punt b heeft lichte voorkeur
vs 2 Hoe omschrijft Paulus de tegenstanders in dit vers?
Ps 22:17; Op 22:15a; - honden; -onreine mensen, “vieserikken
Mt 7:6; 2 Pt 2:22
- boze arbeiders; -predikers met een totaal verkeerde instelling
Gl 5:12 - de versijdenis. -joden> hun besnijdenis geldt niet anders als een verminking
Wat is het verschil tussen deze mensen en de verkeerde predikers van hfst 1?
Deze mensen deugen zelf niet en wat ze prediken if doen deugt ook niet
Geef een nadere omschrijving van de drievoudige aanduiding. Zie hierboven
De vraag is of Paulus eenzelfde groep op drievoudige wijze aanduidt

vs 3 Wat bedoelt Paulus met de uitspraak:”Want wij zijn de besnijdenis’?
Rm 2:29; Ko 2:11 De gelovigen (uit Joden en Volken) zijn de ware besnijdenis. Hun hart is besneden
vgl Lv 26:41 etc Wat is het drievoudig kenmerk van hen die hij met “wij”aanduidt?
- zij dienenGod door de Geewt van God;
- zij roemen in Christus Jezus;
- zij vertrouwen niet op het vlees
Wat houdt “op het vlees vertrouwen in”? Voor de zaligheid bouwen op iets wat je doet, bent of aan je is gedaan
Hoe zouden wij dat kunnen doen? Vertrouwen dat je door de doop zalig bent, door lidmaatschap van een kerk of groep of door het doen van goede (christelijke) werken
Fp 1:22,24; Gn 6:12; Vlees kan zien op: het lichaam; op de mensheid; op substantie vlees; op de zonde
Nm 11:4; Lk 24:39 -de zondige natuur
Rm 8:1,4,12

vs 4 Heeft de apostel wel reden om op het vlees te vertrouwen? Hoe sterk drukt hij zich in
2 Ko 11:18 dat opzicht uit? Hij heeft er meer reden toe dan wie dan ook!

vs 5,6 Welke zeven punten somt hij op en geef er een verklaring van dat ze met roemen in het vlees te maken hebben.
Lv 12:3;Lk 1:59; 2:21 - hij is besneden op de achtaste dag > dus op de juiste tijd door God bepaalt;
ook niet later als proseluut
- hij is uit het geslacht van Israël en dus geen proseliet-jood of uit andere volken
Ru 4: 13-22 afkomstig zoals Obed;
- hij is van de stam van Benjamin. Hij weet zijn stam. Bovendien was Benjamin een geliefde zoon van Jacob;
2 Ko 11:22; Gn 39:14,17 - hij is een Hebreeër uit de Hebreeën. Hij kent zijn afkomst. Hebreeër betekent van
Ex 1:15 de overzijde (van de Eufraat) de streek waar Abraham vandaan kwam;
Hd 23:6;26:5 - hij is wat de wet betreft een farizeeër en dat ware goede wetsbetrachters;
Hd 22:4; 26:9; Gl 1:13,14 - wat ijver betreft een vervolger van de gemeente. Hij streed dus tegen afvalligen. Het liet hem niet onverschillig als men van het Jodendom afweek;
- hij is wat de gerechtigheid betreft die in de wet is onberispelijk. Hij huldigde de wet niet alleen maar handelde ernaar. Geen woorden alleen, maar ook daden.

vs 7 Hoe staat de apostel daar nu tegenover als hij dit schrijft? Hij heeft het om Christus wil schade geacht.

vs 8 Met het oog waarop acht hij dit alles nu schade? Om de uitnemendheid van de kennis van Christus.
Hoe noemt hij Christus Jezus in dit vers en wat zegt dat? Mijn Heer. Hij erkent Hem als zijn Meester, Gebieder.
Hoe beschouwt hij de in vers 5 en 6 genoemde zaken nu? Hij heeft het als vuilnis geacht. Denk je dat eens in voor een Jood!!

Welk doel staat hem daarbij voor ogen? Christus te winnen.
Maar hij kende Christus toch al en was toch door Hem gekend? Verklaar dat! Toen hij Christus ontmoet had verkeerde hij daarnba drie dagen in duisternis. het is mogelijk dat hij toen beleefd heeft wat vers 8 en 9 zegt. Hij kende Christus dus maar ten dele, maar nam nu de beslissing af te zien van datgene waarop hij als Jood bouwen kon.

vs 9 Hoe wil hij nu in Christus bevonden worden: negatief..positief? Negatief door af te
Rm 3:21,22;Gl 2:16 zien van de gerechtigheid die uit de wet is, positief door de gerechtigheid te ontvangen die uit het geloof in Christus is. De gerechtigheid die uit God is gegrond op het geloof.

vs 10 Wat bedoelt hij met Hem te kennen? Hem dieper en geheel te kennen( ook in zijn relatie tot Hem
Rm 6:3-5 wat houdt het kennen van de kracht van zijn opstandig in..theoretische kennis? Geen theoretische kennis dat Christus is opgestaan, maar weten wat die opstanding inhoudt
waarin wil hij gemeenschap met de Heer hebben? In het lijden..niet voor de zonde, maar in de vervolging door de tegenstanders.
wat houdt het “aan zijn dood gelijkvormig wordt in? Dat hij terwille van Christus gedood zal worden

vs 11 Waartoe wil hij hoe dan ook komen? Tot de opstanding uit de doden.
Maar daartoe komt hij toch vanzelf want alle doden zullen eenmaal opstaan? De opstanding uit de doden is een opstanding van tussen de doden ujit en die valt niet samen met de opstanding van de ongelovigen. Ook is het nbiet hetzelfde als veranderd te worden bij de komst van de Heer als nog levende gelovige

Er zijn verschillende opstandingen wat aard en tijd betreft. Kun je daar een schematisch overzicht van geven? Zie dit overzicht: Er is tweeërlei opstanding en deze zijn:

Onderscheiden in karakter: Een opstanding ten leven en ten oordeel > Jh 5:28,29
Een opstanding van rechtv. en onrechtv. > Hd 24:15; Lk 14:14
Onderscheiden in tijd : Een opst. uit de doden > Mk. 9:9; Lk 20:3; Fp 3:11
Een eerste opst. en opst. overige doden > Op,. 20:5-12


Verkort tijdschema
opstanding ten leven | | opst. ten oordeel
opst. v.d. rechtvaardigen | <<<1000 jaar>>> | opst. v.d. onrechtvaardigen
opst. uit de doden | | de eerste opstanding | opst. van overige doden

Fasen van de eerste opstanding
a. Christus 1 Ko. 15:23
velen Mt 27:52,53
b. bij opname 1 Th. 4:15-17
c. twee getuigen Op. 11
d. martelaren Openb. 20:4 voor grote witte troon. Op. 20:12

Let op hoe de gezindheid van de apostel in dit gedeelte uitkomt en hoe hij daarin een voorbeeld voor ons is.


Brief aan de Filippiërs 3:12-21 (bespreking D.V. op 14 aug. 2005)

vs 12 Niet dat ik het al verkregen heb. Wat bedoelt de apostel met “het”?
3:10,11 Dat wat hij in 3:11 besproken heeft of / en
3:14 dat hij doelt op de prijs van de hemelse roeping
Of is dat hetzelfde?
Of al volmaakt ben. Maar Paulus is toch volmaakt in de Heer en wij ook?
Hij doelt op een praktisch volmaakte toestand
1) Volmaakt zijn in de Heer;
2) Volwassen zijn of Praktisch volmaakt wat de wandel betreft
3) volmaakt eeuwige toestand
Waar jaagt de apostel naar ? Wat bedoelt hij daarmee?
Hij wil de toestand van 3:10,11 bereiken of / en
Hij wil de prijs van de hemelse roeping ontvangen
Hij is nog in de renbaan, is nog niet uit de doden opgestaan
Wat betekent: omdat ik “gegrepen ben” (Telos weergave)? Of is dit een verschrijving?
Hij is al het eigendom van Christus

vs 13, vs 17 Wat is het nut van het weer aanspreken als “broeders”. Kan dit ook te overdadig gebeuren?
Onderstreept de band! Ja,
Geef daar eens een voorbeeld van? bijv in gebed : Ja Heer,,,,,,en toen Heer, hebt u , Heer. Kan ook in toespraak
luisteraars keer op keer met broeders / zusters aanspreken
Hoe beschouwt Paulus het voorgaande niet? Dat hij het al gegrepen heeft.

vs 14 Doet Paulus maar één ding in zijn leven en kunnen wij met het doen van één ding volstaan?
Nee, maar we moeten wel prioriteiten stellen
Wat doet Paulus a) negatief hij vergeet wat achter hem ligt
b) positief zich uitstrekken naar wat voor hem ligt net als een hardloper
Ken je nog meer teksten die over “een ding”spreken en wat zeggen die? Zou je er een “toespraak” over kunnen houden?
Ps 27:4 Een ding heb ik van de Here begeert..wonen in het Huis d H.
Mk 10:21; Lk 18:21 een ding ontbreekt u: Ga heen verkoop al wat u hebt....
Jh 9:22 een ding weet ik, dat ik blind was maar nu zie
Lk 10:42 een ding is nodig...Maria heeft het goede deel verkoren
Fp 3:14 een ding doe ik

vs 12 Wat houdt “jagen” in, ken je meer teksten waarin over “jagen” gesproken wordt?
1 Tm 6:11 je er echt voor inspannen Jaag naar gerechtigheid
2 Tm 2:22; Hb 12:14 jaag naar vrede...
Rm 8:29,30 Wat houdt de hemelse roeping in? Hij heeft Christus gezien “in de hemel”.Naar Hem wil hij toe
Daar is zijn bestemming

vs 15 Voor zover wij volmaakt zijn...wat betekent het woord “volmaakt hier”? Ken je meer betekenissen van dat woord in de Bijbel?
Ziet hier op geestelijk volwassen zijn, Je roeping kennen
Laten we zo gezind zijn.....maar komt het dan niet op daden aan?
Jawel, maar de daden moeten uit een goede gezindheid voortkomen
Als u anders gezind bent. Kun of mag je dan verkeerd gezind zijn?
Nee, maar je kunt nog niet zover zijn als Paulus hier aangeeft.
God zal dat openbaren. Kun je aangeven hoe dat bedoeld kan zijn?
God zal je dat laten zien en je aansporen te groeien.

vs 16 Waartoe wij gekomen zijn. Wat heeft dit vers met het vorige te maken?
Naar het niveau waartoe je gegroeid bent moet je handelen
Geen stilstand in je praktisch geloofsleven.
En wat moeten we dan verder doen?
Voortgaan op de weg
Wandelen ...wat houdt dat in? Mogen we niet “hardlopen”?
Wandelen ziet op een rustige ontwikkeling, niet overijlen, waarbij je niet meer ziet wat er om je heen is
vs 17 Moeten we Paulus navolgen? We moeten toch alleen de Heer navolgen?
1 Ko 11:1 Breng dat in verband met het feit dat Paulus zich een voorbeeld noemt.
Als we hen navolgen die de Heer navolgen, volgen we de Heer na
Hb 13:7 Ken je een tekst die over het navolgen van voorgangers spreekt?
Wat van hen moeten we dan navolgen? Hun geloof

vs 18 Paulus waarschuwt voor mensen die verkeerd wandelen. Hij heeft dat dikwijls gedaan. Wanneer
3:2 dan?. Dat kan gebeurd zijn tijdens zijn verblijf in Filippi
Hoe blijkt dat het Paulus aan het hart gaat dat er zulke mensen zijn.
Mk 3;5
Hij zegt het wenend
Hoe noemt hij ze in vers 18b. Wat houdt die uitdrukking in?
Ze zijn vijanden van het kruis van Christus
Let op de vermelding van het kruis van Christus

vs 19 Wat is het einde van deze mensen? Wat bedoelt de apostel daarmee?
Het verderf, hun eeuwige ondergang
Hoe moet je de term “hun god is de buik” opvatten? Eten ze te veel?
Rm 16:18 Van veel eten zijn ze niet vies, hun natuurlijke behoeften geven ze voorrang
Hoe kan hun “heerlijkheid” nu hun schande zijn? Heerlijkheid is toch iets moois?
Ze beroemen zich op hun overmatig gedrag
Ko 3:2,5 Ze bedenken aardse dingen. Als je landbouwer bent moet je je toch met aardse dingen bezighouden? Aardse dingen ziet op zondige aardse zaken

vs 20 Ons burgerschap.....Bekijk dit in het licht van het feit dat de inwoners van Filippi het Romeins burgerschap hadden. Paulus wijst op een veel verhevener burgerschap
Hoe verwachten wij de Heer uit de hemelen?
Als Heiland
Weet je wat de apostolische geloofsbelijdenis over het doel van de wederkomst van Christus zegt? Vanwaar Hij wederkomen zal om te oordelen de levenden en de doden
Wat is je reactie daarop? Voor ons is het doel anders, niet om te oordelen
Bovendien zullen levenden en doden niet tegelijk geoordeeld worden

vs 21 Waarom spreekt de apostel over het lichaam van onze vernedering?
In dit lichaam werkt ziekte en dood door de zonde
Waaraan zal dat lichaam gelijkvormig worden? Aan het lichaam van zijn heerlijkheid
Wat is het lichaam van de heerlijkheid van de Heer.
In principe zijn opstandingslichaam, maar hier wordt ook gedacht aan de glans en glorie die ervan zullen afstralen.
Hoe geeft de apostel aan dat Christus deze verandering kan volbrengen?
Dat Hij macht heeft om alle dingen aan Zich te onderwerpen