Snel zoeken:
437 De stem van het geweten

De stem van het geweten 437

Het eeuwig verderf wordt beschreven als een plaats waar het vuur niet uitgeblust wordt en hun worm niet sterft. Velen begrijpen niet wat dit eigenlijk betekent. Ten opzichte van het vuur behoeven we echter niet lang naar de betekenis te zoeken. Reeds op een van de eerste bladzijden van het Nieuwe Testament wordt van het vuur als een beeld van het oordeel gesproken. Zo zal aan het oordeel nooit een eind komen. Wie sterft zonder de Heer Jezus als zijn Heiland te hebben aanvaard zal zich eeuwig onder het oordeel van God bevinden. Met de worm is het echter anders gesteld, daar vinden we niet een direkte aanwijzing van in de bijbel. Wat hiermee bedoeld is kunnen we het beste illustreren: Keizer Konstantijn had zijn broer laten vermoorden.Van dat ogenblik was zijn rust weg. Ondanks al zijn macht en rijkdom had hij geen vrolijk ogenblik meer. En 's nachts kon hij de slaap niet te pakken krijgen. En als het hem eindelijk lukte een oog dicht te doen werd hij opgeschrikt door akelige dromen. Zo zag hij in zijn droom de gestalte van zijn vermoorde broer op hem toekomen met in zijn hand een beker vol bloed, terwijl hij hem ijzig hoorde zeggen: "Drink broer, drink". De keizer veranderde van woonplaats, ja hij zocht zelfs op een eenzaam eiland rust te vinden, maar alles was vergeefs. Zijn geweten liet hem geen rust en overal achtervolgde hem zijn broer. Hetzelfde is bekend van Karel IX van Frankrijk, die de gruwelijke bloedbruiloft op zijn geweten heeft en van Napoleon wordt ook verteld dat hij het beeld van zijn eerste vrouw, die hij zo minderwaardig behandeld had, dikwijls in zijn dromen voor zich zag. Welnu deze gewetenswroeging zal met de lichamelijke dood niet ophouden. De rijke man, van wie we lezen in Lukas 16 had wroeging ten opzichte van zijn broers, die hij op het slechte pad was voorgegaan. Hoe gelukkig is het echter, dat het geweten van ieder mens tot rust gebracht kan worden. De Heer Jezus zegt: "Kornt tot Mij, allen, die vermoeid en belast zijt en Ik zal u rust geven."