Snel zoeken:
Onerscheid tussen man en vrouwe

Galaten 3:28
Vraag en antwoord
Betreft: Gl 3: 28 ( Ko 3: 11)

Vraag: Hoe is deze tekst te rijmen met het feit dat Paulus in 1 Ko 11 het onderscheid tussen man en vrouw zo benadrukt en in 1 Ko 14 en 1 Tm 2: 11-13 daar bepaalde consekwenties voor haar gedrag in de Gemeente aan ontleent.

Antwoord:
Als geschapen wezens is er een biologisch onderscheid tussen man en vrouw. Daarmee verbonden is er een verschil in plaats, we spreken dan over de scheppingsorde, die door God bepaald is. In Ef. 5 wordt duidelijk gemaakt dat de verhouding van Christus tot zijn Gemeente model staat voor de verhouding van man en vrouw. Deze scheppingsorde wil God ook erkend zien in de Gemeente.
Als gelovigen zijn man en vrouw nieuwe schepselen en als zodanig is er geen onderscheid. Er is niet eerst een mannelijk nieuw schepsel door God gevormd en daaruit een vrouwelijk nieuw schepsel of iets dergelijks. Wat de nieuwe schepping betreft is dat aardse onderscheid weg. Ook andere onderscheidingen in dit aardse bestaan, zoals Jood-Scyth, slaaf-vrije zijn in dat opzicht weggevallen. De wedergeboorte is voor iedereen gelijk en de nieuwe natuur eveneens.