007 De kracht van Gods Woord

In de maand Mei van het jaar 1899 sprak een evangelist in een grote bijeenkomst over het woord in Ezech. 33: 11. “Bekeert u, bekeert u van uwe boze wegen, want waarom zoudt gij sterven?”. In zijn prediking zeide hij o,a.: “Misschien bevindt zich in deze samenkomst een man, die in zijn zak reeds de strop heeft, waarmede hij zich wil ophangen; het kan zijn, dat hii alleen hier is, omdat God wil, dat hij nog eenmaal deze prediking hoort, voordat hij aan zijn ellendig leven een einde maakt”.

Veertien dagen later trad een man de kamer van onze Evangelist binnen, trok een stuk touw uit zij zak en zei: “Dit is de strop waarmee ik mij wilde ophangen op de avond van uw prediking, maar het woord dat God door u tot mij richtte heeft mij verhinderd mijn plan te volvoeren”. Hij beleed zijn zonden, erkende buiten Jezus verloren te zijn, bracht al zijn twijfel tot de Heer en nam zijn toevlucht tot de God aller genade, die op het laatste ogenblik hem ervan teruggehouden had zich in het eeuwig verderf te storten.

Waarde lezer, al hebt gij geen zelfmoordplannen, indien gij nog zonder Christus zijt, bevindt gij u toch op de weg des verderfs. Wilt ge niet heden nog tot de Heiland gaan, die u wil zalig maken en vrede voor uw hart wil schenken?
(vertaald)

Jaapfijnvandraat.nl maakt gebruik van cookies