Goed doen

Betreft: Goed doen

Vraag:

Kunt u voorbeelden geven van goeddoen?

Antwoord:

Blijkens 1 Th 4:1, 9, 12 hebben we als christenen met drie verhoudingen of drie terreinen te maken waarin of waarop we werkzaam zijn.
Ten eerste is er de verhouding tot God, onze Vader en tot Christus; ten tweede is er de verhouding tot de broeders en zusters; ten derde is er de verhouding tot onze ongelovige medemensen. In al die verhoudingen moeten we goed doen.

Naar God toe betekent het dat we Hem liefhebben en Hem gehoorzamen in alles wat Hij van ons vraagt. Het houdt o.a. ook in dat we Hem danken, loven en aanbidden. Dat we Hem dienen met al onze krachten in evangelisatiewerk of door persoonlijk getuigenis maar ook door ons gewone werk voor Hem te doen. Dat we Zijn Woord onderzoeken om Zijn gedachten te leren kennen. Dat alles persoonlijk en ook gemeenschappelijk (bijv. in de samenkomsten)

Naar de broeders toe houdt het in, dat we hen liefhebben en dat ook laten blijken. Bijvoorbeeld door een zieke te bezoeken, een arme zuster met geld of goederen te helpen (denk aan goederen zenden naar derdewereldlanden bijvoorbeeld). Iemand die onder het werk bezwijkt eens te helpen er door te komen. In alles hulpvaardig te zijn.

Naar de buitenstaanders betekent het, dat we hen het evangelie brengen, ze helpen wanneer ze hulp nodig hebben, ondersteunen als ze gebrek lijden. De ramen zemen voor een buurvrouw die ziek ligt. Het gras maaien voor de buurman met een hartklacht. En noem maar op…

Jaapfijnvandraat.nl maakt gebruik van cookies